Theofylline bij COPD tijdens de borstvoedingsperiode

Overzicht

Het gebruik van theofylline tijdens de borstvoeding kan prikkel­baarheid en slaapstoornissen veroorzaken bij de zuigeling.

Risico indeling

  • Mogelijk risico tooltip icon Dit geneesmiddel kan via de melk mogelijk nadelige effecten geven bij de zuigeling. Overweeg of een veiliger middel gebruikt kan worden. Als dat niet kan, weeg dan de mogelijke nadelige effecten af tegen het belang van borstvoeding voor het kind. Voer extra controles uit bij het kind of ga over op flesvoeding.
    • - theofylline
arrow icon

Als de moeder theofylline moet gebruiken, kies dan voor de laagste effectieve dosering. Door de capsule of het klysma vlak na de borstvoeding te nemen wordt de kans op piekconcentraties verkleind. Controleer eventueel de plasmaconcentratie bij de zuigeling.

Theofylline gaat over in de moedermelk. Bij gebruik van hoge doseringen kan theofylline prikkelbaarheid en slaapstoornissen bij de zuigeling veroorzaken. Hier is een melding van in de literatuur.  Bij zuigelingen is de halfwaardetijd langer en de eiwitbinding lager. Hierdoor kan de theofyllineconcentratie oplopen tot therapeutische waarden.

Laatst bijgewerkt op 25-03-2019


Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel of vaccin. Daarnaast bespreken we diverse andere risico’s voor het ongeboren kind, zoals de kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. De informatie bij borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar. We gaan bij zwangerschap en borstvoeding uit van de gebruikelijke dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Of het gebruik van een geneesmiddel de beste keuze is, en welk geneesmiddel in dat geval de voorkeur heeft, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van dit overleg en kan de medische zorg niet vervangen.