Diverse antivirale middelen tijdens de borstvoedingsperiode
Overzicht

Aciclovir (op de huid of via de mond) en valaciclovir kunnen veilig worden gebruikt tijdens de borstvoeding. Aciclovir per infuus, oseltamivir en zanamivir kunnen waarschijnlijk veilig worden gebruikt tijdens de borstvoeding. Het is onbekend of de andere middelen in deze groep veilig gebruikt kunnen worden tijdens de borstvoeding.

Risico indeling
  • Meest veilig Dit geneesmiddel is -binnen deze groep- de veiligste keuze voor gebruik tijdens de borstvoedingsperiode. Er is, in onderzoek of in de praktijk, geen verhoogd risico gevonden op nadelige effecten voor de zuigeling of op de melkproductie.
    • - aciclovir (lokaal) (oraal)
    • - valaciclovir
  • Waarschijnlijk veilig Dit geneesmiddel kan gebruikt worden tijdens de borstvoedingsperiode. Maar indien mogelijk heeft een geneesmiddel uit de categorie ‘Meest veilig’ de voorkeur. Bijvoorbeeld omdat er minder van dat middel in de melk terechtkomt of omdat er meer onderzoek naar is gedaan (zie tekst ‘Meer weten’).
    • - aciclovir (intraveneus)
    • - oseltamivir
    • - zanamivir
  • Risico onbekend Over gebruik van dit geneesmiddel tijdens de borstvoedingsperiode is nauwelijks of geen informatie. Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid. Kies bij voorkeur voor een middel waarvan meer bekend is over de veiligheid.
    • - famciclovir
    • - foscarnet
    • - ganciclovir
    • - ribavirine
    • - valganciclovir

Aciclovir
Bij oraal gebruik gaan slechts kleine hoeveelheden aciclovir over in de moedermelk. Nadelige effecten bij de zuigeling zijn nooit gemeld. Met het gebruik van intraveneus toegediend aciclovir is onvoldoende ervaring om een uitspraak te kunnen doen over de risico’s.

Voor meer informatie over de lokale toepassing van aciclovir, zie lokale antibacteriële en antivirale middelen op de huid tijdens de borstvoedingsperiode, of lokale middelen bij ooginfecties tijdens de borstvoedingsperiode.

Valaciclovir
Valaciclovir wordt in het lichaam snel omgezet naar aciclovir. In één onderzoek werd valaciclovir na orale toediening niet in het bloed van de moeder of in de moedermelk aangetoond. De metaboliet aciclovir was wel in de moedermelk aanwezig.

Oseltamivir en zanamivir
Oseltamivir gaat in minimale hoeveelheden over in de moedermelk. De effecten op de zui­geling zijn niet onderzocht. Ook van zanamivir zijn geen gegevens over het gebruik tijdens de borstvoeding bekend. Nadelige effecten voor de zuigeling zijn niet waarschijnlijk, doordat het middel in geringe mate in het bloed van de moeder terecht komt. Bovendien is de opname vanuit het maagdarm-kanaal van de zuigeling laag.

Over de andere middelen in deze groep zijn onvoldoende gegevens bekend om een uitspraak te kunnen doen over de risico’s.

De informatie op deze pagina is gebaseerd op gebruik van het geneesmiddel in de aanbevolen dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Welk geneesmiddel de beste keuze is, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel. De informatie over borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar.