Aa Lettergrootte
16
 
Influenzavaccin (griepprik) tijdens de zwangerschap
Overzicht

Het influenzavaccin (de griepprik) kan tijdens de zwangerschap gegeven worden. Er zijn geen aanwijzingen voor nadelige gevolgen.

Risico indeling
  • Meest veilig Dit geneesmiddel is -binnen deze groep- de veiligste keuze voor gebruik tijdens de zwangerschap. Er is, in onderzoek of in de praktijk, geen verhoogd risico gevonden op aangeboren afwijkingen of andere nadelige effecten op de zwangerschap.
    • - influenzavaccin

Het influenzavaccin is een geïnactiveerd vaccin. Ook tijdens de zwangerschap kan dit vaccin worden gegeven aan vrouwen die extra risico lopen om ernstig ziek te worden door griep. Het vaccin beschermt deze risicogroepen tegen - een ernstig verloop van - de griep. Ook door de zwangerschap kan griep ernstiger verlopen.

Ervaring
Er is veel ervaring opgedaan met het geven van een griepprik aan zwangeren. Er zijn geen aanwijzingen dat de griepprik een verhoogde kans geeft op een miskraam, op aangeboren afwijkingen bij het kind of andere nadelige gevolgen heeft voor de zwangerschap.

Bescherming van de neonaat
Via de placenta komen antistoffen van de moeder bij de foetus terecht. Dit fysiologische proces zorgt ervoor dat de baby gedurende de eerste weken tot maanden na de geboorte afweer heeft tegen de betreffende infectie. Door de moeder  te vacci­neren, wordt de baby beschermd door de overgang van vaccin-geïnduceerde immunoglobulines via de placenta.

Laatst bijgewerkt op 02-07-2019


De informatie op deze pagina is gebaseerd op gebruik van het geneesmiddel in de aanbevolen dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Welk geneesmiddel de beste keuze is, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel. De informatie over borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar.