Allergeenextracten tijdens de zwangerschap

Overzicht

Allergeenextract immunotherapie die al voor de zwangerschap gestart is, kan waarschijnlijk veilig tijdens de zwangerschap worden voortgezet. Het is belangrijk om dezelfde dosering aan te houden.

Let op
Start niet met een behandeling met allergenen tijdens de zwangerschap. Verhoog de dosis niet bij een behandeling met allergenen die al voor de zwangerschap is begonnen.

Risico indeling

  • Waarschijnlijk veilig Dit geneesmiddel kan gebruikt worden tijdens de zwangerschap. Maar indien mogelijk heeft een geneesmiddel uit de categorie ‘Meest veilig’ de voorkeur. Bijvoorbeeld omdat er meer onderzoek is gedaan naar dat middel (zie tekst ‘Meer weten’).
    • - allergeenextract immunotherapie (voortzetten)
  • Mogelijk risico Dit geneesmiddel kan mogelijk nadelige effecten hebben op zwangerschap of –ongeboren- kind (zie tekst ‘Meer weten’). Weeg de mogelijke nadelige effecten af tegen het belang van behandeling van de moeder. Overweeg of een veiliger middel gebruikt kan worden of voer extra controles uit.
    • - allergeenextract immunotherapie (starten of dosis verhogen)

Studies naar allergeenextract immunotherapie
Met het voortzetten van allergeenextract immunotherapie tijdens de zwangerschap is redelijke ervaring opgedaan. Met het starten van immunotherapie tijdens de zwangerschap is zeer beperkt ervaring opgedaan. Bij de moeder zijn tijdens de zwangerschap systemische reacties beschreven, maar nadelige effecten op het kind werden hierbij niet gezien.

Start niet met een behandeling met allergeenextract immunotherapie tijdens de zwangerschap, in verband met het risico op een anafylactische shock. Vanwege de ernst hiervan moet dit risico  tijdens de zwangerschap worden vermeden.

Laatst bijgewerkt op 26-05-2021


Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel of vaccin. Daarnaast bespreken we diverse andere risico’s voor het ongeboren kind, zoals de kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. De informatie bij borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar. We gaan bij zwangerschap en borstvoeding uit van de gebruikelijke dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Of het gebruik van een geneesmiddel de beste keuze is, en welk geneesmiddel in dat geval de voorkeur heeft, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van dit overleg en kan de medische zorg niet vervangen.