Aa Lettergrootte
16
 
Middelen bij candida infectie van de borst tijdens de borstvoedingsperiode
Overzicht

Bij een oppervlakkige candida-schimmelinfectie aan de borst is het veilig om miconazol of nystatine te gebruiken. Het is niet duidelijk of het zinvol is om langdurig fluconazol te slikken bij een candida-infectie in de borst.

Risico indeling
  • Meest veilig Dit geneesmiddel is -binnen deze groep- de veiligste keuze voor gebruik tijdens de borstvoedingsperiode. Er is, in onderzoek of in de praktijk, geen verhoogd risico gevonden op nadelige effecten voor de zuigeling of op de melkproductie.
    • - miconazol (lokaal)
    • - nystatine (oraal of lokaal)
  • Waarschijnlijk veilig Dit geneesmiddel kan gebruikt worden tijdens de borstvoedingsperiode. Maar indien mogelijk heeft een geneesmiddel uit de categorie ‘Meest veilig’ de voorkeur. Bijvoorbeeld omdat er minder van dat middel in de melk terechtkomt of omdat er meer onderzoek naar is gedaan (zie tekst ‘Meer weten’).
    • - fluconazol (oraal)

Oppervlakkige candida-infectie
Candida albicans kan de tepel oppervlakkig infecteren. Risicofactoren voor een infectie zijn tepelkloven, een recente kuur met antibiotica en een vaginale candida-infectie bij de moeder. Lokale behandeling met miconazol of nystatine heeft de voorkeur. Behandel zowel moeder als kind om herbesmetting te voorkomen. De behandeling moet minimaal twee dagen na ver­dwijnen van de klachten worden voortgezet.

Candidiasis in de borst
Bij diepe borstpijn kan candidiasis van de borst de onderliggende oorzaak zijn. Tijdens het voeden treedt een branderige, ste­kende en diepe pijn in de borst op. De pijn kan minuten tot uren na de voeding aanhouden. Bij een bacteriële infec­tie kunnen vergelijkbare klachten optreden. Het is daarom van belang de oorzaak van de pijn te achterhalen, voordat wordt gekozen voor een behandeling met antimycotica. Gebruik antibiotica voor de behandeling van mastitis (ontsteking van een melkklier) die gepaard gaat met koorts.

Het gebruik van fluconazol bij diepe borstpijn is controversieel. Enkele case-reports beschrijven goede resultaten, maar gecontroleerde onderzoeken ontbreken. Overweeg bij het voorschrijven van fluconazol bij diepe borstpijn dat:

  • Fluconazol in redelijk grote hoeveelheden overgaat in de moedermelk. De melk/plasma ratio bedraagt 0,5–0,9. De relatieve kinddosis is na een enkel­voudige dosis al meer dan 15%. Door de lange halfwaardetijd, vooral bij de premature neonaat, kan de relatieve kinddosis nog hoger worden bij herhaalde toepassing. De dosis die de zuigeling binnenkrijgt via de moedermelk is echter veel lager dan de therapeutische dosis bij een neonaat. Tot nu toe zijn geen nadelige effecten op de zuigeling beschreven;
  • Fluconazol door de neonaat goed wordt verdragen;
  • De hoeveelheid fluconazol in de moedermelk te klein is om de eventuele can­dida-infectie in de mond van de zuigeling te behandelen;
  • Een enkele dosis fluconazol waarschijnlijk onvoldoende effectief is. Door het ontbre­ken van gecontroleerd onderzoek is het niet mogelijk om een duidelijke richt­lijn te geven voor de behandelduur en dosering. In de literatuur worden kuren van eenmaal daags 100 mg gedurende 14 dagen tot eenmaal daags 100 tot 200 mg gedurende zes weken beschreven.

Laatst bijgewerkt op 28-02-2019


De informatie op deze pagina is gebaseerd op gebruik van het geneesmiddel in de aanbevolen dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Welk geneesmiddel de beste keuze is, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel. De informatie over borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar.