Monoklonale antilichamen bij kankerbehandeling tijdens de zwangerschap

In het kort

Er is nog weinig ervaring met deze middelen in de zwangerschap. Vanwege de werking van de middelen zijn nadelige effecten op de zwangerschap of het kind niet uit te sluiten .

Let op

  • Controleer de hoeveelheid vruchtwater, de nierfunctie en de groei van de foetus als trastuzumab en pertuzumab gebruikt worden tijdens de zwangerschap.
  • Gebruik van rituximab (en mogelijk obinutuzumab en ofatumumab) in de zwangerschap kan een tekort aan een bepaald soort witte bloedcellen (b-cellen) bij het kindje veroorzaken.
  • Gebruik in het derde trimester kan de afweer bij het kind remmen. Vaccinatie van het kind met een levend verzwakt vaccin in het eerste levensjaar wordt afgeraden.

Lees voor meer informatie over de afzonderlijke middelen verder onder de tabel.

Risico indeling

  • Mogelijk risico tooltip icon Dit geneesmiddel kan mogelijk nadelige effecten hebben op zwangerschap of –ongeboren- kind. Weeg de mogelijke nadelige effecten af tegen het belang van behandeling van de moeder. Overweeg of een veiliger middel gebruikt kan worden of voer extra controles uit.
    • - rituximab
    • - trastuzumab
  • Risico onbekend tooltip icon Over gebruik van dit geneesmiddel tijdens de zwangerschap is geen of onvoldoende informatie beschikbaar. Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid. Kies bij voorkeur voor een middel waarvan meer bekend is over de veiligheid.
    • - bevacizumab
    • - cetuximab
    • - obinutuzumab
    • - ofatumumab
    • - panitumumab
    • - pertuzumab

Achtergrondinformatie

Monoklonale antilichamen
Met het gebruik van deze middelen in de zwangerschap is geen of weinig ervaring opgedaan. Monoklonale antilichamen kunnen in het eerste trimester de placenta nauwelijks passeren. Vanaf het tweede trimester neemt de placentapassage door actief transport toe. De passage is het hoogste vlak voor de partus. Deze middelen hebben een lange halfwaardetijd en zijn nog maanden na toediening in het serum aantoonbaar. In verschillende onderzoeken zijn meetbare plasmaconcentraties van andere monoklonale antilichamen (zoals adalimumab en infliximab) gevonden bij de pasgeborene, ook wanneer het middel in het derde trimester gestopt is. Door de langzame klaring kunnen deze middelen nog maanden in het lichaam van het kind aanwezig zijn, wat mogelijk tot immunosuppressie kan leiden. Vaccinatie van het kind met een levend verzwakt vaccin in het eerste levensjaar wordt daarom vaak afgeraden.

Trastuzumab
In de literatuur zijn ruim twintig zwangerschappen beschreven met het gebruik van trastuzumab. In bijna zeventig procent van de gevallen trad al dan niet reversibele oligohydramnion of anhydramnion (weinig of een tekort aan vruchtwater) op. Eén kindje ontwikkelde hierdoor ernstige longhypoplasie en stierf direct na de geboorte. Ook werd ruim zestig procent van de kinderen te vroeg geboren.

Pertuzumab
Het werkingsmechanisme van pertuzumab lijkt op dat van trastuzumab. Houd bij gebruik van pertuzumab daarom ook rekening met het ontstaan van oligohydramnion of anhydramnion. Daarnaast zijn in dierstudies nadelige effecten gemeld.

Rituximab

In de literatuur worden rond de 90 zwangerschappen met gebruik van rituximab beschreven. Bij een vijfde van de zwangerschappen was de blootstelling tot in het 1e trimester, bij de overige is de blootstelling in het 2e of 3e trimester. Rituximab is veelal eenmalig of enkele keren toegediend. Er zijn geen zwangerschappen waar rituximab de hele zwangerschap is gebruikt.
Er is 2x een kindje met een afwijking beschreven. Dit is niet meer dan verwacht. Wel werd bij 14 kinderen depletie van b-cellen gezien bij gebruik in het 3e trimester. De b-cellen herstelden binnen enkele maanden na geboorte. Er zijn 3 case reports van effecten in de post partum periode:

  • Een kindje ontwikkelde tweemaal een ernstige sepsis in de weken na de geboorte.
  • Een ander kindje ontwikkelde 11 weken na de geboorte een ernstige pneumocystis pneumonie. 
  • Bij een kind werd bij 10 weken een ernstige neutropenie en hypogamma-globulinemia vastgesteld. De neutropenie herstelde, maar de hypogammaglobulinemie vooralsnog niet. 

Verder zijn er rond de 300 zwangerschappen waarbij rituximab voor de zwangerschap is gebruikt.

Bevacizumab
In de literatuur zijn ongeveer twintig zwangerschappen beschreven met intravitreaal (in het oog) gebruik van bevacizumab. Bevacizumab remt de vorming van bloedvaten. Op grond van het werkingsmechanisme en ervaring uit dierstudies moet bevacizumab terughoudend worden gebruikt in de hele zwangerschap.

Cetuximab en panitumumab
Cetuximab en panitumumab remmen de werking van epidermale groeifactor, welke een rol speelt bij de ontwikkeling van de foetus. Vanwege het werkingsmechanisme wordt gebruik tijdens de zwangerschap afgeraden.

Overige middelen
Obinutuzumab en ofatumumab kunnen mogelijk B-celdepletie bij de pasgeborene veroorzaken.

Laatst bijgewerkt op 20-02-2019


Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel of vaccin. Daarnaast bespreken we diverse andere risico’s voor het ongeboren kind, zoals de kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. De informatie bij borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar. We gaan bij zwangerschap en borstvoeding uit van de gebruikelijke dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Of het gebruik van een geneesmiddel de beste keuze is, en welk geneesmiddel in dat geval de voorkeur heeft, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van dit overleg en kan de medische zorg niet vervangen.