Direct werkende spierverslappers tijdens de borstvoedingsperiode

Overzicht

Over gebruik van dantroleen en hydrokinine tijdens de borstvoeding zijn onvoldoende gegevens bekend om een uitspraak te doen over de mogelijke risico’s.

Risico indeling

  • Risico onbekend tooltip icon Over gebruik van dit geneesmiddel tijdens de borstvoedingsperiode is nauwelijks of geen informatie. Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid. Kies bij voorkeur voor een middel waarvan meer bekend is over de veiligheid.
    • - dantroleen
    • - hydrokinine
arrow icon

 

Dantroleen
Er is slechts een gepubliceerde studie over dantroleen en borstvoeding. In deze studie ging dantroleen over naar de moedermelk, een relatieve kinddosis van 7.9% werd gemeten. In theorie zouden bijwerkingen bij de zuigeling kunnen optreden, vooral tijdens langdurige behandeling. Na kortdurend gebruik van dantroleen kan hervatting van de borstvoeding na twee dagen overwogen worden.

Hydrokinine
Met hydrokinine is geen beschreven ervaring in de borstvoeding.
Hydrokine is structureel verwant aan kinine. Met kinine is wel ervaring opgedaan tijdens de borstvoeding. Kinine gaat slechts in kleine hoeveelheden over in de moedermelk, maar dient niet gebruikt te worden bij borstvoeding aan kinderen met een glucose-6-fosfaat-dehydrogenase deficiëntie.

Laatst bijgewerkt op 15-02-2021


Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel of vaccin. Daarnaast bespreken we diverse andere risico’s voor het ongeboren kind, zoals de kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. De informatie bij borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar. We gaan bij zwangerschap en borstvoeding uit van de gebruikelijke dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Of het gebruik van een geneesmiddel de beste keuze is, en welk geneesmiddel in dat geval de voorkeur heeft, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van dit overleg en kan de medische zorg niet vervangen.