Middelen bij duizeligheid tijdens de zwangerschap

Overzicht

Er is te weinig informatie over gebruik van deze middelen tijdens de zwangerschap om iets te kunnen zeggen over de veiligheid ervan. Gebruik ze alleen als het echt nodig is.

Risico indeling

  • Risico onbekend tooltip icon Over gebruik van dit geneesmiddel tijdens de zwangerschap is geen of onvoldoende informatie beschikbaar. Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid. Kies bij voorkeur voor een middel waarvan meer bekend is over de veiligheid.
    • - betahistine
    • - flunarizine
    • - piracetam

Informatie voor zorgprofessionals

Betahistine
Er is weinig informatie over de veiligheid van betahistine. Gegevens van enkele tientallen blootgestelde zwangerschappen uit case series wijzen niet op een verhoogd risico op aangeboren afwijkingen. (Buharalioglu)

Flunarizine
Er is nauwelijks onderzoek gedaan naar de veiligheid van flunarizine. In één kleine studie met 21 eerste trimester blootstellingen aan flunarizine werd geen verhoogd risico gevonden op aangeboren afwijkingen. (Weber)

Piracetam
Piracetam passeert de placenta. Er zijn geen gegevens over gebruik tijdens de zwangerschap. Bij dierstudies werden geen schadelijke effecten gezien.

Literatuur
Buharalioglu CK, Acar S, Erol-Coskun H, Kucuksolak G, Karadas B, Kaya-Temiz T, et al. Pregnancy outcomes after maternal betahistine exposure: A case series. Reprod Toxicol. 2018;79:79-83

Weber-Schoendorfer C, Hannemann D, Meister R, fant E, Cuppers-Maarschalkerweerd B, Arnon J, et al. The safety of calcium channel blockers during pregnancy: A prospective, multicenter, observational study. Reprod Toxicol 2008;26(1):24-30.

Laatst bijgewerkt op 17-01-2022


Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel of vaccin. Daarnaast bespreken we diverse andere risico’s voor het ongeboren kind, zoals de kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. De informatie bij borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar. We gaan bij zwangerschap en borstvoeding uit van de gebruikelijke dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Of het gebruik van een geneesmiddel de beste keuze is, en welk geneesmiddel in dat geval de voorkeur heeft, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van dit overleg en kan de medische zorg niet vervangen.