Koorts meest gerapporteerd bij vaccinaties kinderen t/m 14 maanden
Bijwerkingencentrum Lareb heeft met een vragenlijstonderzoek een grote groep kinderen gevolgd voor hun eerste vier vaccinatiemomenten tot en met de leeftijd van 14 maanden. Ouders en verzorgers rapporteerden hier de ervaren klachten na vaccinaties uit het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). De meest gerapporteerde klacht was koorts, gevolgd door reacties op de injectieplaats. Bij klachten was er grotere kans op opnieuw klachten bij een volgende vaccinatie. De gerapporteerde klachten kwamen overeen met bekende bijwerkingen uit de bijsluiters en waren meestal weinig belastend.
Op de leeftijd van 3, 5 en 11 maanden kregen de kinderen vaccinaties tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio Hib-ziekten en hepatitis B (DKTP Hib HepB) volgens het RVP. Daarnaast kregen ze op diezelfde momenten ook het pneumokokkenvaccin. Op de leeftijd van 14 maanden ontvingen zij een vaccinatie tegen bof, mazelen en rodehond (BMR) en meningokokken ACWY (MenACWY)
De gegevens en informatie van 5.044 kinderen zijn geanalyseerd.
Klachten na vaccinaties in het eerste levensjaar
Bij de vaccinaties op de leeftijd van 3 en 11 maanden rapporteerden bijna drie op de vier deelnemende ouders/verzorgers minimaal één klacht. Na vaccinatie bij 5 maanden lag dit percentage duidelijk lager, namelijk 61%.
Koorts was de meest gerapporteerde klacht en trad op bij meer dan 40% van de kinderen na deze drie vaccinatiemomenten. Daarnaast werden injectieplaatsreacties vaak gemeld. Dit zijn bekende bijwerkingen van de toegediende vaccins.
Klachten na vaccinaties op 14 maanden
Na vaccinatie op de leeftijd van 14 maanden, waarbij andere vaccins werden gegeven dan in het eerste levensjaar, rapporteerden bijna twee op de drie deelnemende ouders/verzorgers minimaal één klacht. Ook hier was koorts de meest voorkomende klacht en kwam voor bij bijna 40% van de kinderen. Daarnaast werd huiduitslag gemeld bij ruim één op de tien kinderen.
Verhoogd herhaalrisico voor klachten
Het onderzoek liet een significant herhaalrisico zien voor het rapporteren van klachten. Dit betekent dat kinderen bij wie tijdens een vorig vaccinatiemoment een klacht was gemeld, een grotere kans hadden om bij het volgende vaccinatiemoment opnieuw een klacht te rapporteren dan kinderen zonder eerdere klachten.
Dit herhaalrisico gold zowel voor het optreden van een willekeurige klacht, als voor specifieke klachten zoals koorts en injectieplaatsreacties. Klachten die opnieuw werden gerapporteerd, werden echter niet als duidelijk belastender ervaren dan wanneer deze voor het eerst optraden.
Geen nieuwe of verontrustende bijwerkingen
De gerapporteerde klachten kwamen in het algemeen goed overeen met de bijwerkingen zoals beschreven in de bijsluiters van de vaccins. Er zijn geen nieuwe of verontrustende bijwerkingen gevonden. De klachten waren meestal kortdurend en werden over het algemeen als weinig belastend ervaren.
Lees hier meer over bijwerkingen na vaccinatie bij baby’s en kinderen.
Bekijk alle resultaten in het volledig rapport of klik op de infographic voor meer info.

