Veelgestelde vragen coronavaccins

Ja, de goedgekeurde vaccins zijn veilig. Voor coronavaccins gelden dezelfde strenge eisen als voor andere vaccins. Ook nadat vaccins zijn goedgekeurd, worden de bijwerkingen nog in de gaten gehouden. Lees hier meer over de monitoring van de veiligheid van coronavaccins.

Bijwerkingencentrum Lareb houdt de veiligheid van de coronavaccins goed in de gaten. Dit doet Lareb op twee manieren.

1. Bijwerkingen melden

Zorgverleners en mensen die gevaccineerd zijn kunnen (vermoedens van) bijwerkingen melden. Op basis van analyse van meldingen kunnen eventuele nieuwe bijwerkingen opgespoord worden.
Meld hier uw bijwerking.

2. Onderzoek

Ruim 30.000 mensen die gevaccineerd zijn worden gedurende een half jaar na vaccinatie gevraagd hun ervaring met bijwerkingen te delen.

Bij de coronavaccins zijn de meest voorkomende bijwerkingen: reacties op de plek van de prik (pijn, rood, zwelling), niet lekker voelen, hoofdpijn, vermoeidheid, spierpijn, pijn in de gewrichten, koorts, misselijkheid en koude rillingen. 

Dit zijn bijwerkingen die bij andere vaccins ook voorkomen. Deze klachten ontstaan meestal binnen een paar dagen na vaccinatie en gaan meestal vanzelf over. Indien nodig kan paracetamol gebruikt worden ter verlichting van de klachten. Soms ontstaan bijwerkingen wat later of houden ze langer aan. Mocht u zich zorgen maken over uw klachten , neem dan contact op met uw huisarts. Ook bij vragen over behandeling van de bijwerking of over de (vervolg)vaccinatie.


Meer informatie staat in de bijsluiters van de verschillende vaccins:

Pfizer/BioNTech (Comirnaty): korte bijsluiter, productinformatie
Moderna (Spikevax): korte bijsluiter, productinformatie
AstraZeneca (Vaxzevria): korte bijsluiter, productinformatie
Janssen: korte bijsluiter, productinformatie

Bijwerkingen ontstaat meestal binnen 1 tot 2 dagen na vaccinatie. Bijwerkingen kunnen ook al vlak na de vaccinatie optreden, ook binnen enkele minuten. Soms kunnen bijwerkingen ook later optreden. Uit een studie die gedaan is tijdens de onderzoeksfase voor het vaccin van Moderna bleek dat 0,8% van de deelnemers pas na 8 dagen een reactie op de injectieplaats kreeg. Na de tweede vaccinatie kreeg 0,2% pas na 8 dagen een reactie op de injectieplaats. De zeldzame bijwerking van trombose met een laag aantal bloedplaatjes (bij het AstraZeneca en het Janssen vaccin) kan optreden tussen 4 dagen en 28 dagen na de vaccinaties.

Het immuunsysteem wordt binnen enkele weken na vaccinatie geactiveerd. Klachten die na langere tijd ontstaan, zijn minder waarschijnlijk een bijwerking van het vaccin. Er zijn op dit moment geen aanwijzingen voor reacties die op de lange termijn ontstaan.

Trombose in combinatie met een laag aantal bloedplaatjes

Trombose in combinatie met een laag aantal bloedplaatjes is een zeldzame bijwerking van het AstraZeneca vaccin en het Janssen vaccin. Mensen die na de eerste coronavaccinatie met AstraZeneca deze bijwerking hebben gekregen, mogen geen tweede coronavaccinatie krijgen. Lareb heeft meldingen ontvangen van deze bijwerking op het AstraZeneca vaccin en het Janssen vaccin. Kijk voor meer informatie hierover op www.lareb.nl/coronameldingen.

Tot nu toe zijn er geen groepen mensen die een hoger risico hebben op het krijgen van trombose en een verlaagd aantal bloedplaatjes na vaccinatie met het AstraZeneca of het Janssen vaccin. Ook niet mensen die hormonale anticonceptie gebruiken of in het verleden een trombose of een laag aantal bloedplaatjes hebben gehad.

De klachten die passen bij het zeldzame beeld van een combinatie van meerdere bloedstolsels met een sterke daling van het aantal bloedplaatjes zijn:

  • Kortademigheid
  • Pijn op de borst
  • Zwelling van de benen en/of pijn in de benen
  • Aanhoudende buikpijn
  • Ernstige of aanhoudende hoofdpijn en wazig zien
  • Of na een paar dagen: blauwe plekken of rode/paarse puntvormige bloedingen op de huid buiten de prikplek

Krijgt u deze klachten, neem dan altijd snel contact op met de huisarts of huisartsenpost. Krijgt u deze klachten en heeft u in de afgelopen 6 weken een coronavaccinatie gehad? Vertel dit dan aan de arts.

Trombose (zonder laag aantal bloedplaatjes)

Veneuze trombose (stolsel in aderen) is opgenomen als bijwerking in de bijsluiter van het Janssen vaccin. Bij mensen die eerder een veneuze trombose hebben gehad, moet vóór vaccinatie een afweging worden gemaakt van de risico’s. Klachten die passen bij venueze trombose zijn:

  • Kortademigheid
  • Pijn op de borst
  • Zwelling van de benen en/of pijn in de benen
  • Aanhoudende buikpijn

Bij de andere coronavaccins is trombose tot op heden geen bijwerking. Het is het wel belangrijk dat uitgesloten wordt dat een gevaccineerde niet ook een laag aantal bloedplaatjes heeft (en dus de zeer zeldzame ernstige bijwerking). Trombose en longembolieën hebben diverse oorzaken en komen best vaak voor, bij ongeveer 1 op de 1000 mensen per jaar.

Laag aantal bloedplaatjes (zonder trombose)

De bijwerking ’immuun trombocytopenie’ (ITP) is toegevoegd aan de bijsluiter van het AstraZeneca vaccin (Vaxzevria)en het Janssen vaccin. Hierbij is er sprake van een laag aantal bloedplaatjes. Klachten die kunnen ontstaan bij ITP zijn:

  • Spontane bloedingen
  • Blauwe plekken
  • Rode/paars puntvormige bloedinkjes op de huid buiten de prikplek

Deze bijwerking is tijdelijk en meestal niet ernstig. Het gaat bij de meeste mensen vanzelf over. Het is het wel belangrijk dat uitgesloten wordt dat een gevaccineerde niet ook trombose heeft (en dus de zeer zeldzame ernstige bijwerking).Vooral bij mensen die eerder ITP hadden, is het belangrijk om vóór vaccinatie met een goede afweging te maken van de risico’s van een sterke daling van het aantal bloedplaatjes. Ook wordt aangeraden om na vaccinatie het aantal bloedplaatjes in het bloed te controleren.

Ontsteking van de hartspier (myocarditis) en hartzakje (pericarditis) is opgenomen als bijwerking in de bijsluiters van het Pfizer/BioNTech (Comirnaty) en het Moderna vaccin (Spikevax). Het gaat om zeldzame bijwerkingen, die meestal binnen 14 dagen na de vaccinatie ontstaan. Het treedt iets vaker op na de tweede prik en vaker bij jongvolwassen mannen. Als myocarditis of pericarditis na de eerste vaccinatie optreedt, is dat niet per definitie een contra-indicatie voor de tweede vaccinatie. Overleg in dan geval met de cardioloog wat voor u het beste is.

Bijwerkingencentrum Lareb heeft ook meldingen van ontvangen van myocarditis en pericarditis op de vaccins van Pfizer/BioNTech, AstraZeneca, Moderna en Janssen. Kijk voor meer informatie hierover op www.lareb.nl/coronameldingen.

Myocarditis en pericarditis kunnen ook ontstaan door een infectie of immuunziekte, ook door een corona infectie. Ze komen jaarlijks voor bij 1 tot 10 op de 100.000 mensen. Klachten zijn onder andere:

- kortademigheid;
- pijn op de borst;
- hartkloppingen die soms onregelmatig zijn.

De klachten gaan meestal vanzelf over of zijn met medicijnen goed te behandelen. Wie deze klachten heeft, moet contact opnemen met een arts.

Oorsuizen (tinnitus) is in de bijsluiter van het Janssen vaccin opgenomen als bijwerking. Het EMA heeft besloten deze toe te voegen na analyse van gegevens uit onderzoeken en meldingen. Oorsuizen staat niet in de bijsluiters van de andere coronavaccins.

Bij oorsuizen (tinnitus) hoort iemand een piep, sis of bromgeluid zonder dat dat geluid er werkelijk is. Het kan gevolg zijn van langdurige blootstelling aan lawaai, maar ook van afwijkingen aan het gehoororgaan, de hersenen of het kaakgewricht. Daarnaast komt het voor als bijverschijnsel van andere aandoeningen of ontstaat het als bijwerking van bepaalde medicijnen.

Lareb heeft meldingen van oorsuizen op de verschillende coronavaccins. Kijk voor meer informatie hierover op www.lareb.nl/coronameldingen.

De zeldzame aandoening Guillain-Barré is opgenomen in de bijsluiter van het Janssen vaccin als zeer zeldzame bijwerking en in de bijsluiter van het AstraZeneca vaccin als waarschuwing.

Het Guillain-Barré syndroom is een zeldzame aandoening waarbij het immuunsysteem zenuwen buiten het centraal zenuwstelsel aanvalt en beschadigt. De aangedane zenuwen zijn vooral gevoelszenuwen en zenuwen die spieren aansturen. De klachten die optreden zijn daarom meestal spierzwakte en gevoelsstoornissen zoals tintelingen in de benen en armen.

Neem contact op met een arts als u de volgende klachten heeft na AstraZeneca of Janssen vaccinatie:

  • Dubbel zien of moeilijk de ogen kunnen bewegen;
  • Moeite met slikken, kauwen of spreken;
  • Coördinatie- of evenwichtsproblemen;
  • Moeite met lopen;
  • Een tintelend gevoel in handen en voeten;
  • Spierzwakte in de armen, benen, borst of het gezicht;
  • Problemen met de blaas of darmen.

Lees hier meer informatie over Guillain-Barré na vaccinatie.

Na vaccinatie kan zwelling en/of roodheid op de injectieplaats ontstaan als gevolg van een plaatselijke ontstekingsreactie. Deze zwelling kan soms zeer uitgebreid zijn en zelfs tot over de schouder of de elleboog heen gaan.

Er is meestal geen sprake van een infectie of een allergische reactie en behandeling is niet nodig. Koelen kan de pijn en zwelling verzachten. Het verdwijnt vanzelf binnen 4 tot 5 dagen zonder blijvende klachten. Krijgt u pas na drie of meer dagen last van een dikke arm aan de kant van de prikplek? Neem dan contact op met uw arts.

Bij mensen met epilepsie kan een vaccinatie een epileptische aanval uitlokken. Ook kan dit ontstaan wanneer er sprake is van koorts na een vaccinatie. Dit kan bij alle vaccins gebeuren. Zie hier voor algemene informatie over vaccins en epilepsie.   
Bij de coronavaccins zijn er ook meldingen met een epileptische aanval gedaan. Kijk voor meer informatie hierover op www.lareb.nl/coronameldingen.

Er is geen reden om mensen met epilepsie niet te vaccineren. De richtlijn voor COVID-19 vaccinatie geeft aan dat mensen die vaker een epileptische aanval hebben gekregen na een vaccinatie of na koorts, samen met de arts overwegen wat het beste is om te doen.

Er zijn veel meldingen ontvangen over menstruatiestoornissen na coronavaccinatie. Het gaat om verschillende klachten, zoals uitblijven van de menstruatie, hevigere menstruatie, doorbraakbloedingen en postmenopauze bloedingen. Het is nog niet duidelijk of hier sprake is van bijwerkingen. De meldingen worden nader onderzocht.

In Nederland zijn er meldingen van overlijden na coronavaccinatie. Overlijden na vaccinatie wil niet zeggen dat het overlijden is veroorzaakt door de vaccinatie.

In de meldingen met voldoende informatie, is bij een groot deel een al bestaand gezondheidsprobleem de meest voor de hand liggende verklaring voor het overlijden. Bij een aantal meldingen hebben bijwerkingen mogelijk bijgedragen aan het verslechteren van een al kwetsbare gezondheidssituatie of sluimerende onderliggende conditie al dan niet door hoge leeftijd. Het gaat hier om bekende bijwerkingen van de coronavaccins zoals koorts, misselijkheid en algemene malaise. Er zijn ook meldingen van overlijdens na trombose in combinatie met een laag aantal bloedplaatjes. Kijk voor meer informatie over de meldingen op www.lareb.nl/coronameldingen.

Voor degenen met de grootste kwetsbaarheid of een korte levensverwachting is het raadzaam om een zorgvuldige afweging te maken voor vaccinatie.

Overlijdens melden
Voor overlijden na vaccinatie betekent dit dat een zorgverlener zelf moet inschatten of er vermoedelijk een relatie bestaat tussen de vaccinatie en het overlijden. Melden is niet verplicht als er overduidelijk sprake is van een andere oorzaak dan vaccinatie. Is de relatie nog heel onduidelijk, dan kan het laagdrempelig gemeld worden.

Er zijn tot nu toe geen nadelige effecten op lange termijn bekend. De kans op bijwerkingen na vaccinaties die pas later optreden, is over het algemeen erg klein. De meeste bijwerkingen uiten zich binnen enkele dagen tot weken na de vaccinatie.

Neem contact op met uw arts als er een bijzondere reden is waarom u misschien extra voorzichtig moet zijn met een vaccinatie. Dit geldt in elk geval voor mensen:

  • met een verminderde afweer door ziekte of medicijnen;
    De goedgekeurde coronavaccins kunnen gebruikt worden. Mogelijk werken de vaccins minder goed, omdat het immuunsysteem minder goed in staat is om  afweerstoffen tegen het vaccin aan te maken. Meer informatie over vaccinatie en afweerstoornissen vindt u hier: https://rijksvaccinatieprogramma.nl/addendum-vaccinatie-en-afweerstoornissen
  • die bloedverdunners gebruiken;
    De goedgekeurde coronavaccins kunnen gebruikt worden. De coronavaccins worden voorzichtig in een spier toegediend. Dit kan een bloeding of blauwe plek op de prikplaats veroorzaken.
  • die allergisch zijn voor één van de bestanddelen van het vaccin;
    Bent u allergisch voor een bestanddeel van het vaccin? Dan mag u het vaccin niet krijgen. De bestanddelen van de vaccins kunt u vinden in de bijsluiter.
    De coronavaccins bevatten geen gelatine, kippeneiwit of antibioticum.

De meeste bijwerkingen bij kinderen vanaf 12 jaar zijn hetzelfde als de bijwerkingen bij (jong)volwassenen. De klachten zijn meestal niet erg en verdwijnen binnen een paar dagen. Jongere mensen ervaren over het algemeen meer bijwerkingen dan ouderen.

Als u COVID-19 heeft dan kunt u niet gevaccineerd worden. Vaccineren kan dan na minimaal 8 weken nadat de symptomen zijn begonnen of nadat u een test heeft gedaan. Mensen die COVID-19 hebben doorgemaakt waarvoor een ziekenhuisopname nodig was, kunnen vanaf 12 weken na de datum van ontslag gevaccineerd worden. Dit geldt ook als u na de eerste coronavaccinatie COVID-19 heeft ontwikkeld. Als u in het verleden COVID-19 heeft gehad en nu klachtenvrij bent, dan kunt u gevaccineerd worden.

Uit onderzoek blijkt dat mensen die eerder COVID-19 hebben gehad vaker en hevigere bijwerkingen van een coronavaccinatie kunnen ervaren. Dit is ook gezien in ons vragenlijstonderzoek. Daarbij werd gezien dat mensen die COVID-19 hebben gehad meer bekende bijwerkingen ervaarden na de eerste coronavaccinatie. Bij het Pfizer/BioNTech vaccin werd dit ook gezien na de tweede vaccinatie.

Meer informatie over vaccineren en coronavirusinfectie vindt u op de website van LCI.

U kunt nog COVID-19 krijgen nadat u gevaccineerd bent. Het duurt namelijk nog een aantal dagen voordat het lichaam antistoffen tegen het virus heeft aangemaakt. Voor het vaccin van Pfizer/BioNTech duurt het ongeveer 7 dagen na de 2de vaccinatie voordat ruim 90% van de mensen beschermd is tegen het virus. Voor het vaccin van Moderna is dit na ongeveer 14 dagen na de 2de vaccinatie. Voor het vaccin van AstraZeneca geldt dat na 15 dagen na de 2de vaccinatie ongeveer 60% van de mensen beschermd is. Als u besmet bent met het virus vlak voor of na de vaccinatie, kunt u dus nog ziek worden. De kans dat u COVID-19 krijgt na de 2de vaccinatie is klein, maar wel aanwezig. Daarom blijft het belangrijk om u te laten testen wanneer u klachten krijgt die passen bij COVID-19 (verkoudheidsklachten, reuk- of smaakverlies, benauwdheid) of als er sprake is van een grote kans op besmetting.

Heeft u een chronische ziekte? En twijfelt u over de vaccinatie? Neem dan contact op met uw huisarts of behandelende arts. U kunt ook informatie vinden over vaccinatie bij een chronische ziekte bij de desbetreffende patiëntenorganisaties:

De LCI geeft nog aanvullende informatie voor zorgverleners over COVID-19-vaccinatie bij immuungecompromitteerde patiënten.

Stijging of daling van glucosewaardes bij mensen met diabetes

Diabetes Vereniging Nederland attendeert mensen met diabetes om na de vaccinatie goed te letten op de glucosewaardes. Uit hun ervaringen blijkt dat deze waardes omhoog of omlaag kunnen gaan na vaccinatie. Bijwerkingencentrum Lareb heeft ook een aantal meldingen gekregen van glucoseschommelingen na coronavaccinatie. Er kunnen meerdere verklaringen zijn voor de verandering van de glucosewaardes. Een daling van de glucosewaardes (hypoglykemie) kan bijvoorbeeld ontstaan doordat mensen zich na de vaccinatie niet lekker voelen en minder eten. Het zou ook kunnen dat de vaccinatie een soort stressreactie in het lichaam veroorzaakt waardoor o.a. de cortisollevels omhoog kunnen gaan. Dit kan leiden tot een stijging van de glucosewaarden (hyperglykemie). Glucoseschommelingen worden ook gezien bij een flinke verkoudheid of griep. Coronavaccinaties hebben ook griepachtige verschijnselen als bijwerking.

Mensen die eerder systemisch capillairleksyndroom (SCLS) hebben gehad, mogen geen AstraZeneca vaccin of Janssen vaccin krijgen. Dit is namelijk als contra-indicatie en als bijwerking toegevoegd aan de bijsluiter van deze vaccins. Mensen die na vaccinatie met het AstraZeneca vaccin systemisch capillairleksyndroom hebben ontwikkeld, mogen geen tweede coronavaccinatie.

Het capillairleksyndroom komt zeer zelden voor. Bij deze ernstige ziekte lekt vloeistof weg uit de haarvaten. Dat zorgt voor een lage bloeddruk, -zwelling van vooral de armen en benen, verdikking van het bloed en te weinig albumine in het bloed.

Heeft u de AstraZeneca vaccinatie gehad en ervaart u een of meer van de volgende klachten in de paar dagen na de vaccinatie?

    • Een snelle zwelling van de armen en benen;
    • Plotselinge gewichtstoename;
    • Vaak in combinatie met een duizelig gevoel (door lage bloeddruk).

Neem dan meteen contact op met een arts.

Heftige allergische reacties na een vaccinatie zijn heel zeldzaam, maar niet uit te sluiten. Voor de coronavaccins geldt dat iemand het vaccin niet mag krijgen als:

  • U allergisch bent voor een bestanddeel van het vaccin. De bestanddelen van de vaccins staan in de bijsluiter. De coronavaccins bevatten geen gelatine, kippeneiwit of antibioticum.
  • U bij de eerste vaccinatie met hetzelfde vaccin een aangetoonde ernstige en/of onmiddellijke allergische reactie kreeg binnen 4 uren na de prik.*

Heeft u een allergische reactie na de eerste coronavaccinatie gehad? Overleg dan altijd met een behandelend arts/allergoloog of u alsnog de volgende coronavaccinatie (ongeacht merk) mag krijgen. De mensen die dit betreft kunnen via de huisarts verwezen worden naar een allergoloog. Hier kan beoordeeld worden of de 2e vaccinatie kan worden toegediend, en of dat bij de GGD of onder toezicht van een allergoloog moet en of er extra voorzorgsmaatregelen nodig zijn. Kijk voor meer informatie over vaccineren bij een allergische reactie op de website van de LCI.

Een allergische reactie na een ander vaccin, voedingsmiddel of medicijn is geen contra-indicatie voor de coronavaccinatie, maar wel een reden voor extra voorzorgsmaatregelen, zoals een langere observatieperiode na vaccinatie. Overleg altijd met een arts bij een eerdere ernstige allergische reactie of bij een ander vorm van allergie.

*Met ‘ernstig’ worden geobjectiveerde major symptomen bedoeld zoals acute dyspneu (benauwdheid), hypotensie (lage bloeddruk) met snelle pols of gegeneraliseerde huidreactie met urticaria/angio-oedeem. Met ‘onmiddellijk’ wordt binnen 4 uur bedoeld. Ook een acute (niet ernstige) gegeneraliseerde voor allergie verdachte huidreactie (zoals jeukend erytheem) is een contra-indicatie. Zie ook de handreiking Beoordelen van een voor allergie verdachte reactie na COVID-19-vaccinatie.

Coronavaccinatie tijdens de zwangerschap

Wereldwijd zijn inmiddels grote aantallen zwangere vrouwen gevaccineerd tegen de infectie met het coronavirus. De eerste resultaten zijn geruststellend: er worden geen nadelige gevolgen gezien voor de zwangerschap en het ongeboren kind. Dit is in overeenstemming met de zeer uitgebreide ervaring met diverse andere niet-levende vaccins tijdens de zwangerschap. De multidisciplinaire werkgroep COVID-19 en Zwangerschap adviseert alle zwangere vrouwen om zich te laten vaccineren, zodra zij volgens de landelijke vaccinatiestrategie in aanmerking komen. Bij voorkeur met Pfizer of Moderna. 

Lees hier meer over coronavaccinatie en zwangerschap.

Coronavaccinatie tijdens het geven van borstvoeding

Er worden geen nadelige gevolgen verwacht voor het kind na corona-vaccinatie van de moeder tijdens de borstvoedingsperiode. Er is veel onderzoek gedaan naar andere niet-levende vaccins. Deze worden tijdens de borstvoedingsperiode als veilig beschouwd. Op basis hiervan, en op basis van de ervaring met het coronavaccin tot nu toe, worden geen nadelige gevolgen voor het kind verwacht. De ervaring is vooral opgedaan met het vaccin van Pfizer en van Moderna.

Antistoffen die de moeder aanmaakt na vaccinatie, zijn aangetoond in de moedermelk. Deze antistoffen kunnen bijdragen aan de bescherming van het kind tegen een corona-infectie. 
De multidisciplinaire werkgroep COVID-19 & Zwangerschap ziet geen bezwaar in het vaccineren van vrouwen die borstvoeding geven. 

Lees hier meer over coronavaccinatie en borstvoeding.

De meeste bijwerkingen van de coronavaccins verdwijnen na enkele dagen zonder dat behandeling nodig is. Heeft u klachten die passen bij een allergische reactie? Bijvoorbeeld huiduitslag over het hele lichaam, zwelling van de lippen, tong of ogen en benauwdheid. Neem dan direct contact op met uw huisarts. 

Heeft u andere klachten en maakt u zich zorgen? Neem dan ook contact op met uw huisarts. Bijvoorbeeld als ze  lang aanhouden of erger worden.

U kunt uw bijwerking ook melden bij Bijwerkingencentrum Lareb. 

De meeste veel voorkomende bijwerkingen van de coronavaccins verdwijnen na enkele dagen zonder dat behandeling nodig is. Bij sommige mensen houden de klachten langer dan een week aan. Dit is per persoon verschillend en ook per bijwerking. Het is niet te voorspellen hoelang bijwerkingen precies aanhouden per persoon. Duren de klachten bij u erg lang (langer dan 2 weken) of maakt u zich zorgen? Neem dan contact op met uw huisarts.

Soms kunnen klachten na coronavaccinatie lijken op symptomen van COVID-19. Bekende klachten na vaccinatie zijn: reacties op de injectieplaats, vermoeidheid, hoofdpijn, spier- en gewrichtspijn, rillingen, misselijkheid en koorts. Deze klachten zijn meestal binnen 1 tot 2 dagen verdwenen. Zijn de klachten na 2 dagen nog niet weg, ervaart u typische COVID-19 symptomen zoals verkoudheidsklachten, reuk- of smaakverlies en benauwdheid, of is er sprake van een grote kans op besmetting (door bijvoorbeeld intensief contact met iemand met COVID-19), dan kan het verstandig zijn om te testen op COVID-19. Overleg bij twijfel altijd eerst even met uw huisarts.

Het duurt enkele weken totdat het vaccin goed werkt. De eerste weken na de vaccinatie kunt u nog gewoon besmet raken met het coronavirus. U kunt dan ook besmettelijk zijn voor anderen. Ook na de (beide) vaccinaties is het mogelijk dat u nog besmet wordt met het coronavirus, al wordt die kans wel veel kleiner.

Let op, bijwerkingen van een vaccinatie zijn niet besmettelijk. Horen de klachten bij COVID-19 of een andere infectie, dan bent u wel besmettelijk voor anderen.

Alle vermoedens van bijwerkingen kunnen gemeld worden. Meld vooral die bijwerkingen die u opvielen. Bijvoorbeeld omdat de bijwerking niet in de bijsluiter staat. Of omdat de bijwerking anders of heviger verliep dan u had verwacht. U kunt uw bijwerking melden via het meldformulier. We nemen telefonisch of per e-mail geen meldingen aan.

Het melden van bijwerkingen is niet verplicht. Voor zorgverleners bestaat daarop één belangrijke uitzondering, namelijk dat vermoedens van ernstige bijwerkingen gemeld moeten worden volgens de Geneesmiddelenwet Artikel 78 lid 3.

Er is sprake van een ernstige bijwerking als die bijwerking leidt tot ziekenhuisopnames, blijvende invaliditeit, een aangeboren afwijking, een levensbedreigende situatie of overlijden.

Voor overlijden na vaccinatie betekent dit dat een zorgverlener zelf moet inschatten of er vermoedelijk een relatie bestaat tussen de vaccinatie en het overlijden. Melden is niet verplicht als er overduidelijk sprake is van een andere oorzaak dan vaccinatie. Is de relatie nog heel onduidelijk, dan kan het laagdrempelig gemeld worden. Lareb beoordeelt bij ieder gemeld overlijden zorgvuldig hoe sterk de mogelijke relatie tussen het overlijden en de vaccinatie is.

 

De meeste bijwerkingen van de coronavaccins zijn mild en passen bij de reactie van het lichaam op het vaccin. Reacties op de prikplaats, hoofdpijn, vermoeidheid, spierpijn, pijn in de gewrichten, koorts, misselijkheid en rillingen zijn bekende bijwerkingen. Deze klachten zijn meestal geen reden om de tweede prik niet te nemen.

Heeft u een allergische reactie na de eerste coronavaccinatie gehad? Overleg dan altijd met een behandelend arts/allergoloog of u alsnog de volgende coronavaccinatie (ongeacht merk) mag krijgen. Kijk voor meer informatie over vaccineren bij een allergische reactie op de website van de LCI.

Mensen die na de eerste coronavaccinatie met AstraZeneca de zeer zeldzame bijwerking van trombose en een laag aantal bloedplaatjes of systemisch capillairleksyndroom hebben gehad, mogen geen tweede coronavaccinatie krijgen.. 

Heeft u andere klachten of waren de klachten bij u opvallend ernstig en maakt u zich zorgen? Bespreek dit dan altijd eerst met uw huisarts.

Of er meer of hevigere bijwerkingen kunnen ontstaan na de 2de coronavaccinatie is afhankelijk van het vaccin.

Na de 2de vaccinatie met het vaccin van Pfizer/BioNTech kunnen bijwerkingen vaker optreden dan bij de 1ste vaccinatie. Het gaat hierbij vooral om klachten zoals koorts. Deze klachten ontstaan meestal op de dag van vaccinatie en verdwijnen meestal binnen enkele dagen. Na de 2de vaccinatie met het vaccin van Moderna zijn er vaak ook meer bijwerkingen  in vergelijking met de 1ste vaccinatie.

Bij het vaccin van AstraZeneca is het tegenovergestelde te zien. Na de 2de vaccinatie met dit vaccin blijken er over het algemeen minder en mildere bijwerkingen te zijn dan na de 1ste vaccinatie.

Er zijn nog weinig onderzoeken gedaan naar de bijwerkingen van een 3de coronavaccinatie. De onderzoeken die zijn gedaan, laten zien dat de bijwerkingen van de 3de vaccinatie vergelijkbaar zijn met de 2de vaccinatie. Dit is tot zover alleen onderzocht bij het Pfizer/BioNTech en Moderna vaccin.

Het combineren van twee coronavaccins kan ook een iets hogere kans op kortdurende, wat heftiger bijwerkingen geven, zoals pijn op de plek van de prik, koorts, spierpijn en misselijkheid.