Coronavirus infectie (COVID-19) tijdens de borstvoedingsperiode

Overzicht

Er is onderzoek gedaan naar de overgang van het coronavirus (SARS-CoV-2) naar de moedermelk. In de meeste gevallen ging het virus niet over naar de moedermelk. Bij minder dan 5% van de besmette moeders zijn virusdeeltjes aangetoond in de moedermelk. Er zijn tot nu toe geen kinderen waarbij besmetting via de moedermelk is vastgesteld. De kans op besmetting via de moedermelk lijkt daarom niet waarschijnlijk. Bovendien bevat bij een deel van moeders de moedermelk na een COVID-19 infectie antistoffen tegen het coronavirus. Door borstvoeding te geven krijgt de baby de eerste maanden bescherming tegen het virus mee. 

Overgang naar moedermelk
In de literatuur worden rond de 280 moeders beschreven waarbij de moedermelk is getest op SARS-CoV-2 [1-5,13,14]. Slechts in een klein deel van de gevallen (<5%) was deze test positief.

Besmetting via de moedermelk.
Er is tot nu toe geen bewijs voor besmetting met SARS-CoV-2 via de moedermelk [1-7,13,14]. Van de kinderen die blootgesteld waren aan besmette moedermelk testten enkele kinderen positief voor COVID-19. Een deel van deze kinderen bleek niet besmet geraakt via de moedermelk. Van de andere kinderen is het onbekend of ze besmet zijn geraakt via de moedermelk. Andere manieren van besmetting konden niet worden uitgesloten.

Daarnaast zijn er meerdere onderzoeken waarin pasgeboren kinderen zijn onderzocht die borstvoeding kregen terwijl de moeder besmet was met SARS-CoV-2 [6,7,11]. Geen van de 160 kinderen raakte besmet via de moedermelk. Uit een grote cohort studie met gegevens uit 18 landen bleek dat er geen verband is tussen het krijgen van borstvoeding en een positieve PCR test van de baby [12]. Moedermelk wordt daarom niet gezien als een serieuze bron van besmetting met het virus. In de melk is tot nu toe geen replicatie-competent virus aangetroffen.

Antistoffen in de moedermelk
Borstvoeding van besmette moeders kan een bron van corona-antistoffen zijn voor de zuigeling: IgG, IgA en IgM zijn aangetoond in de melk [2,4-10]. In een onderzoek uit het AMC (COVID MILK studie) wordt gezien dat borstvoeding minstens 5 maanden antistoffen bevat [https://www.amc.nl/web/nieuws-en-verhalen/actueel/actueel/corona-antistoffen-in-moedermelk-minstens-vijf-maanden-aanwezig.htm]. De moedermelk met antistoffen blijkt in laboratoriumtesten het SARS-CoV-2 virus effectief te bestrijden. Dit wordt ook gezien in een studie van Dong [9]. Bij in vitro onderzoek (onderzoek in laboratorium op cellen) bleek 62% van melkmonsters in staat SARS-CoV-2 activiteit te neutraliseren. De meeste monsters borstvoeding bevatte IgA en IgG. Er werd geen SARS-CoV-2 RNA in de borstvoeding gevonden.

COVID-19
Algemene informatie over het coronavirus is te vinden op de website van het RIVM.

 

 


  • Kumar J, Meena J, Yadav A. SARS-CoV-2 detection in human milk: a systematic review. The journal of maternal-fetal & neonatal medicine : the official journal of the European Association of Perinatal Medicine, the Federation of Asia and Oceania Perinatal Societies, the International Society of Perinatal Obstetricians. 2021-02-08;:1-8
  • Rodrigues C, Baia I, Domingues R. Pregnancy and Breastfeeding During COVID-19 Pandemic: A Systematic Review of Published Pregnancy Cases. Frontiers in public health. 2020-11-23;8:558144
  • Centeno-Tablante E, et al. Transmission of SARS-CoV-2 through breast milk and breastfeeding: a living systematic review. Annals of the New York Academy of Sciences. 2020-08-28;
  • Bhatt H. Should COVID-19 Mother Breastfeed her Newborn Child? A Literature Review on the Safety of Breastfeeding for Pregnant Women with COVID-19. Current nutrition reports. 2021-01-04;
  • Bertino E, et al. Detection of SARS-CoV-2 in Milk From COVID-19 Positive Mothers and Follow-Up of Their Infants. Frontiers in pediatrics. 2020-10-27;8:597699
  • Ronchi A, et al. Evaluation of Rooming-in Practice for Neonates Born to Mothers With Severe Acute Respiratory Syndrome Coronavirus 2 Infection in Italy. JAMA pediatrics. 2021-03-01;175(3):260-266
  • Solis-Garci­a G, et al. [Epidemiology, management and risk of SARS-CoV-2 transmission in a cohort of newborns born to mothers diagnosed with COVID-19 infection]. Anales de pediatria (Barcelona, Spain : 2003). 2021-03-01;94(3):173-178
  • Lebrao CW, et al. Early Identification of IgA Anti-SARSCoV-2 in Milk of Mother With COVID-19 Infection. Journal of human lactation : official journal of International Lactation Consultant Association. 2020-11-01;36(4):609-613
  • Gao X, et al. Clinical and immunologic features among COVID-19-affected mother-infant pairs: antibodies to SARS-CoV-2 detected in breast milk. New microbes and new infections. 2020-09-01;37:100752
  • Pace RM, et al. Characterization of SARS-CoV-2 RNA, Antibodies, and Neutralizing Capacity in Milk Produced by Women with COVID-19. mBio. 2021-02-09;12(1)
  • Dong Y, et al. Antibodies in the breast milk of a maternal woman with COVID-19. Emerging microbes & infections. 2020-12-01;9(1):1467-1469
  • Fox A, et al. Robust and Specific Secretory IgA Against SARS-CoV-2 Detected in Human Milk. iScience. 2020-11-20;23(11):101735
  • Shlomai NO, et al. Neonatal SARS-CoV-2 Infections in Breastfeeding Mothers. Pediatrics. 2021-04-13;
  • Villar J, et al. Maternal and Neonatal Morbidity and Mortality Among Pregnant Women With and Without COVID-19 Infection: The INTERCOVID Multinational Cohort Study. JAMA pediatrics. 2021-04-22;
  • Tolu LB, Ezeh A, Feyissa GT. Vertical transmission of Severe Acute Respiratory Syndrome Coronavirus 2: A scoping review. PloS one. 2021-04-22;16(4):e0250196
  • Cimolai N. A Comprehensive Analysis of Maternal and Newborn Disease and Related Control for COVID-19. SN comprehensive clinical medicine. 2021-03-17;:1-23

Laatst bijgewerkt op 29-04-2021


Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel of vaccin. Daarnaast bespreken we diverse andere risico’s voor het ongeboren kind, zoals de kans op vroeggeboorte of een laag geboortegewicht. De informatie bij borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar. We gaan bij zwangerschap en borstvoeding uit van de gebruikelijke dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Of het gebruik van een geneesmiddel de beste keuze is, en welk geneesmiddel in dat geval de voorkeur heeft, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning van dit overleg en kan de medische zorg niet vervangen.