Aa Lettergrootte
16
 
Meclozine en andere antihistaminica bij misselijkheid tijdens de zwangerschap
Overzicht

Meclozine heeft bij misselijkheid en braken in de zwangerschap de voorkeur, eventueel in combinatie met vitamine B6 (pyridoxine).

Let op:
Houd bij gebruik van promethazine en cinnarizine tot vlak voor de bevalling rekening met mogelijke sedatie en ademhalingsdepressie van de pasgeborene.

Risico indeling
  • Meest veilig Dit geneesmiddel is -binnen deze groep- de veiligste keuze voor gebruik tijdens de zwangerschap. Er is, in onderzoek of in de praktijk, geen verhoogd risico gevonden op aangeboren afwijkingen of andere nadelige effecten op de zwangerschap.
    • - cyclizine
    • - meclozine
    • - promethazine
  • Waarschijnlijk veilig Dit geneesmiddel kan gebruikt worden tijdens de zwangerschap. Maar indien mogelijk heeft een geneesmiddel uit de categorie ‘Meest veilig’ de voorkeur. Bijvoorbeeld omdat er meer onderzoek is gedaan naar dat middel (zie tekst ‘Meer weten’).
    • - chloorcyclizine
    • - meclozine/ pyridoxine (vitamine b6)
  • Risico onbekend Over gebruik van dit geneesmiddel tijdens de zwangerschap is geen of onvoldoende informatie beschikbaar. Het is niet mogelijk om een uitspraak te doen over de veiligheid. Kies bij voorkeur voor een middel waarvan meer bekend is over de veiligheid.
    • - cinnarizine

Misselijkheid in de zwangerschap
Meer dan de helft van de zwangere vrouwen heeft last van misselijkheid en braken. Als het braken niet veroorzaakt wordt door een ziekte, dan worden bij milde klachten als eerste dieetmaatregelen geadviseerd. Als dat onvoldoende effect heeft, hebben meclozine of metoclopramide de voorkeur. Deze middelen zijn het best onderzocht.

Antihistaminica

Binnen de groep antihistaminica heeft meclozine de voorkeur, eventueel in combinatie met pyridoxine. Er is veel onderzoek gedaan naar het gebruik van antihistaminica voor misselijkheid in de zwangerschap. Met meclozine zijn meer dan 30.000 zwangerschappen onderzocht, met cyclizine ruim 3300 en met promethazine ruim 5700 zwangerschappen. In dierstudies zijn ze bij zeer hoge dosis (veel hoger dan gebruikt bij misselijkheid) teratogeen gebleken. Bij de mens zijn echter geen aanwijzingen dat antihistaminica het risico op aangeboren afwijkingen verhogen.

Voor pyridoxine is als veilige bovengrens bij langdurig gebruik 25 mg/dag vastgesteld (in verband met het mogelijk ontstaan van neuropathie). Er zijn geen aanwijzingen dat kortdurend gebruik van 50 mg per dag bij misselijkheid tijdens de zwangerschap neuropathie kan veroorzaken.

Alternatieve middelen
Andere middelen die tijdens de zwangerschap worden gebruikt bij misselijkheid, braken of hyperemesis gravidarum zijn pyridoxine, gember, dopamine-antagonisten, corticosteroïden, serotonine-antagonisten en mirtazapine.

Informatie over gember en pyridoxine is te vinden op de pagina over diverse middelen bij misselijkheid.
Informatie over dopamine-antagonisten is te vinden op de pagina over dopamine-antagonisten bij misselijkheid.
Informatie over serotonine-antagonisten is te vinden op de pagina over serotonine-antagonisten bij misselijkheid.
Informatie over corticosteroïden is te vinden op de pagina over systemische corticosteroïden.
Informatie over mirtazapine is te vinden op de pagina over tetracyclische antidepressiva.

Referenties


  • Källén B., Mottet I. Delivery outcome after the use of meclozine in early pregnancy. Eur J Epidemiol. 2003-07-01;18(7):665-9
  • Etwel F, Faught LH, Rieder MJ. Pregnancy Outcome After First Trimester Exposure to H1 Antihistamines: A Systematic Review and Meta-Analysis. Drug Safety. 2017-02-01;40(2):121-132

Laatst bijgewerkt op 20-07-2020


De informatie op deze pagina is gebaseerd op gebruik van het geneesmiddel in de aanbevolen dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Welk geneesmiddel de beste keuze is, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel. De informatie over borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar.